Hypo bij diabetes

Wanneer je diabetes hebt, kan het voorkomen dat je op bepaalde moment een te lage bloedsuiker hebt. Dat noemen we een hypoglykemie, ook wel ‘hypo’. Dit is niets raars, de hoeveelheid suiker in je bloed verandert namelijk voortdurend onder invloed van bijvoorbeeld voeding, beweging, emoties, stress en algehele gesteldheid. Te grote wisselingen in de bloedsuikerspiegel kunnen op den duur echter voor lichamelijke problemen zorgen. Het is daarom belangrijk om de kenmerken van een hypo bij diabetes te herkennen, zodat er tijdig kan worden ingegrepen.

Diabetes hypo en hyper: het verschil

Mensen met diabetes kunnen zowel last krijgen van schommelingen in de bloedsuikerspiegel. Dit kan leiden tot een hypo of een hyper. Bij een hypo is de bloedsuikerspiegel te laag, terwijl een hyper duidt op te veel glucose in het bloed. Een normale bloedglucosewaarde ligt tussen de 4 – 7 mmol/l. Er wordt gesproken van een hypo wanneer je bloedglucosewaarde lager is dan 4 mmol/l en er is sprake van een hyper als je bloedglucosewaarde boven de 10 mmol/l ligt. Lees op deze pagina meer over het ontstaan, de symptomen en het verhelpen van een hypoglycemie of bezoek de pagina hyper bij diabetes voor meer informatie over een hyperglycemie.

Hypo bij diabetes: zo ontstaat het

Bij een hypo heb je te weinig glucose in je bloed. Zogenaamde triggers zijn: te weinig eten, heftige inspanning, fors alcoholgebruik of het spuiten van te veel insuline. Bij gezonde mensen wordt de insuline-afgifte bij een dalend glucosegehalte verminderd. Spuit je insuline of gebruik je tabletten, dan kan dat insuline-afgifte niet goed gereguleerd worden. Kortom: er is dan veel meer insuline in het bloed dan nodig is voor het verwerken van de hoeveelheid bloedglucose. Het gevolg: een hypo.  Het is altijd goed om na te gaan wat de hypo heeft veroorzaakt, zodat je dit soort ongemakken in de toekomst kunt voorkomen.

Ben je recentelijk veel afgevallen? Let dan op. Het is belangrijk om met je huisarts te bespreken of de dosis van uw medicatie verlaagd kan worden om hypo’s te vermijden.

Hypo bij diabetes: de symptomen

Het is belangrijk om een hypo te leren herkennen, zodat je voortaan tijdig kunt ingrijpen. Negeer je de symptomen, dan kan een onschuldige hypo uitmonden in een serieuze hypoglycemische coma: acute complicaties zorgen er dan voor dat je het bewustzijn verliest. Onbehandelde hypoglykemie kan tevens leiden tot epileptische aanvallen en schade aan de hersenen. Deze serieuze gevolgen kunnen gelukkig voorkomen wanneer je alert bent op een aantal zaken. Eén van de eerste verschijnselen van een hypo is een hongergevoel. Negeer je het hongergevoel, dan kun je last krijgen van de volgende symptomen:

  • Bleek en prikkelbaar worden
  • Het koud hebben
  • Zweten
  • Beven
  • Wazig zien
  • Misselijkheid
  • Vermoeidheid, trillen en soms hartkloppingen. Een duidelijk signaal dat het tijd is om in te grijpen.
  • Blijft de glucosewaarde verder dalen, dan verergeren de klachten: je reactievermogen vertraagt, je wordt licht in het hoofd, je kunt onduidelijk gaan praten, duizelig worden, slaperig en steeds slechter gaan zien. In ernstige gevallen raak je bewusteloos.

De precieze symptomen van een hypo kunnen per persoon en per keer verschillen.

Het verhelpen van een hypo

Een hypo wordt verholpen door ervoor te zorgen dat de bloedglucosewaarde stijgt tot normale hoogte. Controleer dus allereerst je bloedglucose. Blijkt deze te laag? Dan kun je deze verhogen door koolhydraten te nuttigen: suiker, brood of glucosetabletten eten kan helpen, evenals het drinken van suikerhoudende frisdranken. Het is aan te raden om daarna ook nog een kleine maaltijd te nuttigen. Ben je flauwgevallen? In ernstige gevallen zal iemand anders glucagon bij moeten spuiten. Glucagon is een hormoon dat aangemaakt wordt in de alvleesklier, net als insuline. Glucagon verhoogt de bloedsuikerspiegel wanneer deze te veel zakt.

Wanneer iemand met diabetes buiten bewustzijn raakt is het zaak om in ieder geval altijd een arts te waarschuwen. Geef hem/haar in geen geval drinken! Blijf altijd bij iemand met een hypo in de buurt, deze persoon kan zich erg angstig voelen en gedragen. Is de hypo verholpen? Het is normaal dat hij/zij zich een tijdje moe blijft voelen en eventueel last heeft van hoofdpijn, misselijkheid en braken. Mogelijk weet hij/zij ook niet meer precies wat er gebeurd is. Probeer hen wel een beetje te laten eten en heb je vragen of vermoedens dat het toch niet goed gaat, neem dan vooral contact op met de huisarts.

Voorkomen is beter dan genezen

Nu je de symptomen van een hypo herkent kunt je ze in de toekomst waarschijnlijk beter identificeren en voorkomen. Om risico’s tot een minimum te beperken is het belangrijk dat je jouw levensstijl aanpast, je jezelf regelmatig laat controleren door een specialist en zelf ook verantwoordelijkheid neemt en goed voorbereid bent. We verzamelden nuttige tips om je hierbij te helpen.

Wat je altijd bij je moet hebben

  • Bloedglucosemeter
  • Insuline en injectiemateriaal
  • Druivensuiker
  • Glucagon indien je regelmatig last hebt van hypo’s, als je op reis gaat of als je intensief sport
  • Eten met voldoende koolhydraten.

Zorg er altijd voor dat je omgeving op de hoogte is van je diabetes. In noodgevallen moeten zij weten hoe ze Glucagon bij jou moeten spuiten. Geen Glucagon in de buurt? Dan is het belangrijk dat de persoon met diabetes in de stabiele zijligging gelegd wordt en dat vervolgens 112 gebeld wordt. Daarbij is het belangrijk om te vermelden dat het om een persoon met diabetes gaat en dat er iemand bij deze persoon blijft totdat er hulp is.

Veelvuldig last van een hypo?

Heb je veelvuldig last van hypo’s? Het is belangrijk dat je met je dokter een behandelplan opstelt. Hij of zij kan je precies vertellen wat je in het geval van een hypo het beste kan doen. De huisarts kan je tevens regelmatig controleren en eventueel je medicijngebruik bijstellen.

Je mening

Hi! We horen graag wat je van deze website vindt. Mis je bijvoorbeeld nog informatie of heb je opmerkingen over de website? Stuur ons je feedback!


Gelieve dit veld leeg te laten.